Zozolala recensie
16 februari 2008 | 15:29
Zozolala nr. 158 / Jef Nieuwenhuis.
'Jeroen Steehouwer is een stripmaker die zijn ambacht zeer serieus neemt. Mede daarom is zijn productie niet al te hoog, maar wat hij maakt, heeft altijd karakter. De laatste jaren lijkt hij weer wat nadrukkelijker aanwezig. In WOK worden de belevenissen verteld van een gelijknamige, getalenteerde danseres. Haar privé-leven verloopt minder voorspoedig dan haar carriere. In de hoop enige troost te vinden, schaft zij zich een hond aan. De hond- die het het gehele verhaal zonder zijn naam moet doen- is de eigenlijke hoofdpersoon. De danskwaliteiten van zijn basin roepen acuut ontroering en lust bij hem op en er ontbrand een onmogelijke liefde in het hondenhart.
De korte, maar heftige periode dat vrouw en hond met elkaar optrekken, wordt in heldere beelden beschreven en kent een goed gedoseerde spanningsboog. De twee personages begrijpen geen bal van elkaar en daarin schuilt de kracht van het verhaal. Denkende honden in verhalen vermenselijken al snel. Ze doen dingen die voor echte honden niet mogelijk zijn en niet passen bij het dier. Ondanks de bizarre emoties en het feit dat de hond zijn gedachten met de lezer deelt , weet Steehouwer echter de hond hond te laten blijven.
De emoties zijn even primair als de reacties van het dier. Gek van jalousie valt hij steeds de mannelijke partners aan van zijn bazin en begrijpt hij niet dat hij daarmee zijn eigen ruiten ingooit. Aan het eind van het verhaal zet hij zijn tanden zelfs in de door hem aanbeden WOK. Jeroen Steehouwer laat zijn dierlijke hoofdpersoon steeds balanceren op de grens tussen menselijk en dierlijk, maar houdt hem steeds feilloos aan de goede kant.
Het simpele, maar goed opgebouwde verhaal word gedragen door de vorm. De tekeningen zijn sober en eenvoudig. Wat weergegeven moet worden, wordt weergegeven. In een nawoord vertelt de stripmaker dat hij de vertelling visueel tot de uiterste eenvoud heeft willen terugbrengen en dat daardoor de platen er kaal uitzien. Daarmee doet Steehouwer zich echter te kort. De lijnvoering is inderdaad uiterst sober, maar de lijnen die hij zet zijn dik en afgerond alsof WOK een kinderboek is. Het bekijken van het verhaal is een rustige, eenvoudige bezigheid, maar de platen houden de aandacht vast. Aandacht die daardoor kan uitgaan naar de emoties van WOK en haar hond. In alle- zeer doordachte- eenvoud vertelt Jeroen Steehouwer een boeiend en geraffineerd vormgegeven stripverhaal.
De strip WOK is niet nieuw. De hoofdstukken zijn jaren geleden in etappes voorgepubliceerd in Zone 5300. In zijn geheel wint WOK (dat voor de bundeling deels is hertekend) duidelijk aan zeggingskracht.'
Ik ben heel erg blij met deze recensie!